Conference of Birds

Tentoonstelling in Sis Josip Galerie in Den Haag
Donderdag 14 september – zondag 15 oktober 2023
Dimitri van der Werf in samenwerking met Pim Velthuizen


Minerva Was Once a Little Girl (2023)

Sis Josip Galerie presenteert Conference of Birds. Het is de eerste solotentoonstelling in een Nederlandse galerie met werken die zijn gecreëerd met assistentie van Artificial Intelligence. De digitale beeldmaker Dimitri van der Werf zet de realiteit naar zijn hand in twintig portretten die uiteenlopende relaties tonen tussen mensen en vogels. Pim Velthuizen leverde een bijdrage met achtergronden bij diverse portretten en met beeldbewerking.

Een virtuele wereld
In de kunstgeschiedenis is de band tussen mens en vogel een oud thema. Dimitri van der Werf raakte geïnspireerd in het Mauritshuis door Hans Holbein die een edelman met een havik portretteert. Het is een realistisch portret: een havik kun je africhten en domesticeren. Van der Werf wil de realiteit ontstijgen in een virtuele wereld waarin mensen een band aangaan met wilde en ontembare vogels. Met behulp van artificial intelligence creëerde hij in het echte leven onmogelijk vast te leggen dubbelportretten, zoals een priester met een pelikaan en een oude dame met een vale gier. Die vogels zijn te schuw of te gevaarlijk om in een fotostudio voor de lens te krijgen. AI inspireerde hem ook om niet bestaande vogelsoorten te creëren.


This Bird Rocks (2023)


Dimitri van der Werf over Conference of Birds
De band tussen mens en vogel wordt door ambivalente gevoelens geplaagd. Of we het willen of niet, onbewust worden we verteerd door jaloezie. Zonder vliegtuig, helikopter of luchtballon zijn we gebonden aan de grond, gevangen door de zwaartekracht. Een vogel heeft in het luchtruim veel meer vrijheid. Hij kan doodsimpel overwippen van een dictatuur naar een vrij land.

Uit jaloezie doen we vogels van alles aan. We sluiten ze op, verwoesten hun leefgebied, roeien ze uit en eten ze op. Maar een minderheid koestert vogels, gaat er zelfs een diepe band mee aan. Sommigen hebben zelfs liever vogels dan mensen als gezelschap. In Conference of Birds portretteer ik de intieme band tussen vogelliefhebbers met het object van hun toewijding.


Death and the Maiden (2023)

De geportretteerden zijn niet met hun vogels naar mijn studio gekomen. Met Artificial Intelligence (AI) is de basis voor elk portret gelegd. Met een supercomputer zijn ze tot leven gekomen. Deze computer, gekoppeld aan een immens serverpark, wordt met miljarden afbeeldingen gevoed, met opnames van onze uiterlijke wereld en met beelden die zijn ontsproten uit onze verbeelding. Al die afbeeldingen zijn uiteengerafeld tot algoritmes. Met een instructie die uit beelden en teksten kan bestaan, een prompt, kun je die algoritmes aansporen om telkens weer nieuwe constellaties te vormen, met nieuwe unieke foto’s als resultaat.

Die algoritmes buitelen over elkaar heen volgens beproefde parcoursen, maar ook met willekeur. Dat is te zien. Van vele tientallen gegenereerde afbeeldingen is slechts een enkele bruikbaar als basis voor verdere beeldbewerking. AI staat nog in de kinderschoenen maar ontwikkelt zich razendsnel. Een jaar geleden zou deze tentoonstelling onmogelijk met assistentie van AI tot stand hebben kunnen komen. AI-beelden waren nog primitief. Ook nu schiet AI vaak nog te kort. AI-personages moeten niet zelden met zes vingers door het leven. Het is een tour de force om bestaande vogels getrouw naar de natuur in beeld te krijgen. De supercomputer heeft een ongebreidelde fantasie. Lompe vogels krijgen soms een fraaier gestroomlijnd uiterlijk of een barokker verenkleed dan in de realiteit. Dat is frustrerend. Verwoed probeerde ik de vogels te modelleren naar het echte leven, de computer steeds driftiger voedend met instructies. Het leidde meestal tot niets. Uiteindelijk heb ik het opgegeven en de algoritmes de vrijheid gegeven ook totaal nieuwe vogelsoorten tot stand te brengen.


Memling’s Pelican (2023)

Het is verleidelijk om ook de evolutie te duiden als het verder spinnen met bestaande patronen, waar de inspanningen van buiten- en bovenmenselijke intelligenties achter schuilgaan. Aan het begin van het millennium werd geopperd dat het uiterlijke leven is gebaseerd op dermate complexe systemen, dat die onmogelijk tot stand kunnen zijn gekomen uit willekeurig voortrazende materie. Het begrip Intelligent Design werd gemunt. Een storm van protest laaide op. God de vader leek opnieuw op zijn troon gehesen. Maar grappig genoeg protesteert slechts een enkeling dat de hypothetische big bang een keurige wetenschappelijke invulling is van het bijbelse ‘er zij licht’.

Dat achter AI-beelden een ordening schuilgaat, is zonneklaar. Omdat die is uitbesteed aan een supercomputer wordt die kunstmatig intelligent genoemd. Dat voedt momenteel de vraag of je beelden waar een computer een aandeel in heeft zomaar als kunst kunt bestempelen.

Tijdens de opmars van de fotografie vonden vergelijkbare debatten plaats. Is fotografie gelijkwaardig aan de schilderkunst? Want een fotograaf kan met een druk op zijn ontspanner een portret tot stand laten komen, waarvoor een schilder dagen achter zijn ezel moet zitten. Inmiddels omarmen we fotografie als kunstvorm. Het framen van een fragment uit een bestaande werkelijkheid vraagt om een bewuste keuze.

Dimitri Van der Werf: Contemplating a Revolution (2023)
Contemplating a Revolution (2023) – Achtergrond door Pim Velthuizen

Ook digitale beelden die met assistentie van AI tot stand zijn gekomen, vragen om keuzes: de keuze van onderwerp en invalshoek waarmee je de computer om een beeld vraagt, en de uiteindelijke selectie uit een stroom aan beelden, die te vergelijken is met het ruwe materiaal waar een fotograaf na een fotosessie uit put. Bovendien moet je de beelden bewerken en met vakmanschap afdrukken. Het lijkt een kwestie van tijd dat AI als gereedschap voor beeldmakers alom zal worden geaccepteerd. Dankzij AI kun je bovendien beelden vastleggen die op een andere manier niet tot stand hadden kunnen komen. In een van de foto’s omarmt een oude dame een vale gier. Die vogel is zowel schuw als agressief. In een studio krijg je die onmogelijk voor je lens. Als je het al zou willen proberen, maken regels voor de omgang met wilde en beschermde dieren dat onmogelijk.

In Conference of Birds komen fictieve personen samen met hun fictieve vogels. Het is een ode aan deze oude band tussen mens en dier. En een verkenning van AI als nieuw gereedschap en hulpmiddel voor beeldmakers. Ik zie het liever als een speelse vraag dan als een manifest pro AI. Want alleen vragen en vervolgvragen brengen ons verder. Waar antwoorden vastomlijnd worden geponeerd, begint de dictatuur. En vragen geven ook ons vleugels: naar een domein met onbegrensde mogelijkheden.